Sori Yu Talenti Award

De prijsuitreiking van de Sori Yu Talenti Award vind plaats op maandag 20 juli om 18.30 - 19.30 uur.
De prijs die in leven is geroepen als eerbetoon aan de op 11 mei 2011 overleden schrijver Clark Accord wordt voor de derde keer uitgereikt door de prijs winnares van de 1e editie in 2012, de schrijfster Hetty Amat in de foyer van Theater Thalia te Paramaribo

De toegang is vrij!{article Sori Yu Talenti Award 2015}{title} {text} {readmore}{/article}

Voor de theatermonoloog "De gevallen vrouw bestaat niet", een bewerking van het debuutroman van Clark Accord, De koningin van Paramaribo is wel een kaartje vereist.

Initiatief SGR Global Stories
Leesclub SGR, o.l.v. Romeo Grot, Menno Anbeek en Sophie Wijnaldum

Initiatief Clark Accord Column Award
Clark Accord Foundation
Liesbeth Accord, hoedster nalatenschap Clark Accord

Juryleden
Rashid Nouvaire, columnist en auteur
Liesbeth Accord, hoedster nalatenschap Clark Accord
Johan Graaven, docent Nederlands SGR
Elik Lettinga, Uitgeverij Nijgh en Van Ditmar
Karin Amatmoekrim, auteur en bestuurslid CAF

Redactie
Menno Anbeek, docent Nederlands SGR & Exellius

Productie
Leesclub SGR

Tekeningen
Leerlingen van SGR

Speciale dank
Rashid Novaire, en Sareena Parmesardien (Miss Charme Zuidoost 2013), Enrique Bulbaai, Nijgh & Van Ditmar (uitgeverij C. Accord) voor het beschikbaar stellen van de prijzen.

SGR, Amsterdam, 26 november 2013

Clark Accord vond het belangrijk om de liefde voor het woord bij jongeren te stimuleren. Vanuit zijn passie voor het koesteren van talent, is de Clark Accord Column Award in het leven geroepen. Jonge scholieren worden gestimuleerd om zich verder te ontwikkelen in hun schrijverschap.

De CAF werkt voor de Column Award nauw samen met de Scholengemeenschap Reigersbos in Amsterdam Zuidoost.
Jongeren van de bovenbouw krijgen een workshop waarin ze tips en advies krijgen over het schrijven in het algemeen, en columns in het bijzonder. Een keer per jaar worden de beste columns gebundeld en wordt de winnaar van de Clark Accord Column Award bekend gemaakt.

Scroll naar beneden voor de verzameling columns en de columnbundels van de afgelopen jaren.

Heeft u of uw school interesse om mee te werken aan de Column Award? Neem dan contact op met de CAF!

“Leven volgens het geloof, is de sleutel tot een succesvol leven”, zei een Ghanese vriend van mij met een zelfverzekerde blik alsof hij echt honderd procent zeker wist waarover hij sprak. Ik nam de woorden dorstig in mij op alsof de woorden zo vloeibaar als water waren. Ik knikte alsof ik zelf middenin een kerkdienst zat te luisteren naar de predikant die, met al wat in hem zit, het woord van God zat te verkondigen. Ik weet hoe het eraan toe ging in de kerk, omdat ik al mijn hele leven, elke zondag, naar de kerk ging. “Amen broertje”, zei ik bevestigend, terwijl ik mijn slanke blanke handen de lucht in zwaaiden. Het leek alsof ik mijn armen uitstrekte en de wolken aanraakte.

Zo heb ik het opgepikt in de kerk. Al vanaf mijn geboorte ben ik betrokken bij het christendom. Voor mij was dat het juiste geloof.  Niet dat ik zelf de keuze had gemaakt, het werd in mijn gezicht gedrukt, alsof ik verplicht was eten te eten dat ik helemaal niet lekker vond. Maar omdat het mijn ouders waren die het in mijn gezicht drukten, moest deze maaltijd, het christendom, wel gezond zijn.

Nu kijk ik daar anders tegenaan. Ik zie veel christenen juist als schijnheilige huichelaars, maar niet allemaal. Als je alleen met feestdagen naar de kerk gaat, naar de kerk gaat om “gezien te worden” en bidt uit hebzucht, dan heeft zogenaamd geloven voor jou dus geen zin. Ik zie het vaak om mij heen dat mensen alleen christen, moslim of iets dergelijks zijn, wanneer het hun uitkomt. “God, alstublieft, help mij, ik heb u nodig!” hoor je ze dan roepen. “Waar was je toen het niet slecht met je ging?” zou ik dan vragen als ik God was.

Niet alleen mensen die naar de kerk gaan kunnen schijnheilige huichelaars zijn, ook de mensen die de kerk hebben gesticht zelf. Het komt zelfs voor dat zij misbruik maken van de mensen die wel echt ergens in geloven. Tegenwoordig bestaat het zelfs dat er criminele bendes zijn binnen de kerk. Gekker dan dit kan het toch niet worden, geloof ik.

Door al deze negatieve kanten werd er bij mij een negatief beeld geschapen over de meeste religies. Ook door de eenzijdige informatie die de media verschaft over bijvoorbeeld moslims. Niet elke moslim is een extremistische zelfmoordterrorist. Het gebeurt wel eens dat er een aanslag wordt gepleegd, maar dit komt door mensen die het geloof verdraaien en teksten uit heilige boeken verkeerd interpreteren, zoals Geert Wilders heeft gedaan met de Koran in zijn film Fitna. Er zijn mensen die hierdoor zwaar beïnvloed raken, maar die mensen bekijken het door een beslagen raam. Waarschijnlijk kijken ze ook niet verder dan hun neus lang is. Valse interpretaties en manipulatie zorgen voor valse idealen. Het zijn niet de Bijbel of Koran die verkeerd zitten, het zijn de mensen die de verkeerde kennis doorgeven.

Ik heb gebeden tot God en geloofde er in dat wat ik wilde uit zou komen en het is uitgekomen. Ik geloof, maar sta nu nog bij geen enkele groep. Vroeger werden het christendom en jodendom door mijn strot gedauwd, nu sta ik nergens, maar in de toekomst ben ik bereid zelf de keuze te maken om te staan waar ik wil staan. Ik ben er zeker van dat mijn ouders het niet eens zullen zijn met mijn keus, maar als iemand ergens sterk in gelooft, is het moeilijk om hem hiervan af te brengen. Voor veel mensen is het geloof een grote steun, een bron van geluk en hoop. Geloof kan mensen uit elkaar drijven, samenbrengen, maar ook bij elkaar houden. De een gelooft in een god, de ander gelooft in goden en weer een ander gelooft ergens anders in. Zo heeft elk individu zijn eigen ding, maar wij “gelovigen” zijn het over één ding allemaal eens. Zoals de kaart in mijn kast op de begane grond die geplakt is tegen de muur naast de wasmachine zegt: “Geloven is het zeker zijn van wat we hopen en zeker weten wat we niet zien.”

Tegenwoordig zijn er niet meer zoveel mensen die verder kijken dan hun neus lang is, er zijn geen ‘avonturiers’ meer. Maar dat geldt niet voor mij, want ik ben iemand die van onderzoeken houdt en zichzelf daardoor vaak in de knoop legt. De makkelijke weg is ook de saaiste.

Ik lig in mijn bed en denk eraan hoe het nou komt dat wij weten wat goed is en wat slecht, wie heeft het bewijs dat mensen helpen goed is en vechten slecht? Misschien is de duivel wel het goede en God het slechte, want Satanisten zien Satan juist als het goede. En Christenen zien hem juist als het slechte, maar wie heeft gelijk?

Wat als wij allemaal juist het slechte doen als we mensen helpen en het goede wanneer we mensen verkrachten, waarom telt daarbij niet de “vrijheid van meningsuiting”? Er zullen vast wel mensen zijn die stelen op bepaalde momenten goed vinden, terwijl dat ook vaak als slecht meegerekend wordt.

Als je een kind in een krottenwijk van Brazilië bent en je steelt om je familie te onderhouden, vind ik dat niet slecht, maar juist goed. Maar als je al twintig euro hebt en dan een product gaat stelen van eenentwintig euro vind ik dat slecht, want dat tel ik gewoon als hebzucht. Dus wordt er pas bepaald wat goed of slecht is als je het moment bekeken hebt? Of denkt men daar niet aan?

Uit deze column kun je zelf ook zien dat ik het zelf niet eens precies weet, dus… we kunnen gewoon democratie ervoor gebruiken!

“Je begrijpt het niet, ik kan niet meer.” Ik stort neer op de grond en voel een hand zachtjes langs m’n wang glijden. “Wees niet bang, het komt goed.” Langzaam sta ik op en zie dat hij het is. Hij zei dat hij zou komen als ik hem nodig had. Daar is hij dan, zonder veel te zeggen begrijp ik wat hij bedoelt. Maar waarom doet hij dit? Waarom is het zo dat degene die ons het meest pijn doet, ook de oorzaak is van onze lach?

Liefde, iets dat iedereen wel kent. Alleen men ervaart het niet als hetzelfde, de een beleeft het als een nachtmerrie, de ander is in de zevende hemel. Maar wat is nou houden van? Een goede definitie is er niet, je houdt meer van het ene dan het ander. Alleen de manieren zijn zo anders, evenals de gevoelens. Maar houden van doe je niet zomaar, je houdt van iemand die voor, achter, naast, boven je staat. Die je steunt als het even niet goed gaat, die er altijd voor je is. “Ik hou van je.” Gechoqueerd keek ik naar m’n beeldscherm, ik kon niet geloven wat ik las. Meent hij dit nou? Na vijf minuten stilte stuurde hij weer  “Ik hou van je.” Zonder na te denken antwoordde ik terug “Ik ook van jou.” Velen gebruiken ‘houden van’ als stopwoordje, zij hebben niet door wat voor vragen het bij de ander opwekt. Je kunt houden van elkaar als vrienden maar ook weer eens een stapje verder.

Daar zit ik dan. Huiverend luister ik naar hem. Terwijl hij doorgaat met het vertellen van zijn gevoelens, bedenk ik bij mezelf: ‘Waar heb ik dit aan verdiend?’ Een relatie vol met vertrouwen, geluk, liefde, wat wil je nog meer? Maar toch zit ik met de vraag, waaraan heb ik dit verdiend? Als het slecht gaat, verlangen wij naar het goede, als het goed gaat vragen wij ons af waarom. Maar wat nou als diegene waar we zoveel van houden ons verlaat?

Liefdesverdriet is te vergelijken met heimwee. Het gaat pas over als je terugkrijgt wat je kwijt bent. Mensen met liefdesverdriet kun je niet zo zeer helpen. Troosten lukt wel, maar dan vooral door de dumper zwart te maken. Het is een aanpak die bedoeld is om iets van boosheid en opstandigheid op te wekken bij het slachtoffer. Maar tegelijkertijd wekt het weer de gedachtes op dat het houden van de dumper voor niets was. Uiteindelijk kan alleen nieuwe liefde het hartverscheurende gevoel helen. Een verse verbinding met een heel ander persoon kan de oude verbinding overbodig maken.

Liefde is een cirkel die begint bij vrienden, eindigt bij een scheiding en weer begint met vriendschap. Een cirkel die ik nooit zal begrijpen en waar ik ook nooit uit zal komen.

‘Straattaal is de mengtaal die jongeren van verschillende culturele en sociale achtergronden in het dagelijks leven spreken op school en op straat. Niet alle straattaalsprekers behoren tot dezelfde groep of subcultuur. Voor straattaal geldt, net als voor jongerentaal, dat het niet toegeschreven kan worden aan een specifieke en afgebakende groep jongeren. De straattaal bestaat niet.’ Deze beschrijving geeft Wikipedia over straattaal.. Klopt dit eigenlijk wel? Bestaat de straattaal niet?

Mohammed is een 16-jarige jongen van Marokkaanse afkomst. Hij woont in Amsterdam Zuidoost en gaat met veel allochtonen om. Op een middag  loopt hij  door het winkelcentrum. Een doodonbekende man loopt naar hem toe en zegt: ‘Bonjour,comment vas-tu?’ Mohammed kijkt de man raar aan en probeert te begrijpen wat deze bedoelt. De man maakt rare gebaren, Mohammed kijkt de man van top tot teen aan en loopt weg. In de Lidl komt Mohammed weer een doodonbekende man tegen. Deze zegt tegen Mohammed ‘Ofa’. Mohammed lacht naar de man en antwoordt beleefd: ‘Goed hoor.’ Hij staat bij de kassa en hoort een Ghanese vrouw  tekeer gaan tegen een kassière. ‘KWASIA!’ hoor je de vrouw zeggen, Mohammed staat stil en bedenkt: ‘Deze kassière heeft de mevrouw echt boos gemaakt.’

Raar he? Mohammed is Marokkaans, maar weet toch wat hij moet zeggen als iemand zegt ‘Ofa’. Hij is Marokkaans en weet toch wat hij moet denken als hij een Ghanees boos hoort schreeuwen ‘KWASIA!’. Vreemd. Mohammed is een jongen van Marokkaanse afkomst en weet wat deze woorden betekenen. Maar als iemand naar hem toekomt en zegt ‘Comment vas-tu?’ kijkt hij deze persoon raar aan. Hoe komt het dat Mohammed deze Surinaamse en Ghanese woorden kent? Zoals je al las gaat Mohammed met veel allochtonen om. Zijn beste vriend is een Surinamer, Ricardo. Mohammed zijn beste vriend, praat daarom vaak de Surinaamse taal met zijn vriend, het Sranantongo. Mohammed zijn buren zijn Ghanezen, hij hoort zijn buurvrouw regelmatig haar zoon uitschelden voor ‘KWASIA’.

De straattaal is voor mij een taal waarin iedereen zijn eigen moedertaal verwerkt. De jongeren van tegenwoordig gebruiken deze ‘taal’ om elkaar beter te kunnen verstaan en om beter te kunnen communiceren. Je leert meer over een andere taal en als iemand je in die taal begroet is het daarom ook niet zo raar. Ik woon in de Bijlmer en vind het superleuk om straattaal te praten. Je leert meer over elkaars afkomst en weet wat andere mensen bedoelen. Straattaal is voor mij daarom gewoon een taal. Zoals je een Frans woordenboek hebt, zo heb je ook een woordenboek van straattaal. Je leert toch ook Frans om in het Frans met andere Fransen te kunnen communiceren? Dus waarom zou je geen straattaal gebruiken?

“Bij het opgeven van het huiswerk wordt ook de tijd bekend gemaakt die de leerlingen naar de inschatting van de docenten nodig hebben voor het maken of leren daarvan. Daarbij geldt de vuistregel van circa vijftien minuten per vak per keer in klas 1 tot oplopend tot circa dertig minuten per vak in de klassen 4 en hoger.” Dat staat in het leerlingenstatuut van SGR en Exellius.

Hoe vaak wordt dit inderdaad gedaan? Misschien  vijf keer. De docenten zijn goed in te veel huiswerk opgeven. Ze zeggen dat je er maar een halfuur over zou moeten doen, maar per dag heb ik doordat er voor zes vakken een halfuur huiswerk is drie uur huiswerk. Die veronderstelling klopt trouwens ook niet, want voor bijvoorbeeld Spaans moet ik ongeveer een halfuur werken en nog een uur woordjes leren. En dan hoef ik alleen nog maar drie halfuren Engels, muziek en wiskunde te doen. Tja, probeer dan nog eens naar al die interessante musea te gaan én minstens negen uur te slapen per nacht.

Weet iemand nog wat ‘vakantie’ betekent? Want dat is niet meer ontspannen zonder school, maar juist extra tijd om nog meer huiswerk te doen! Eerlijk gezegd ben ik wel jaloers op mensen die kader doen, omdat ze niet eens huiswerk krijgen in het weekend.

En dan hebben we ook nog strafwerk omdat je je huiswerk niet maakt: “De docent die de reden waarom een leerling het huiswerk niet heeft kunnen maken of leren niet aanvaardbaar acht, kan hiervoor een sanctie opleggen.” De reden die de docent niet aanvaardbaar acht, is meestal: ‘We hebben te veel huiswerk’. En dat strafwerk zorgt er dan weer voor dat je je huiswerk niet kan maken omdat je te veel te doen hebt.

De conclusie: er wordt altijd wel huiswerk gegeven en het huiswerk is meestal veel. Veel meer dan dat halve uur per vak.

Wat ben ik toe aan een zomervakantie.

De economie treft iedereen, waaronder mijn familie. Mensen worden ontslagen en waarom…? Bezuinigingen, bedrijven gaan failliet, mensen worden ontslagen en worden zelfs dakloos . Mensen die je kent en om wie je geeft. Je ziet hoe ze er onder lijden; het is gewoon te zielig om aan te zien en hoe denk je dat die bezuinigingen zijn gekomen… doordat mensen te veel geld uitgeven en dan lenen ze weer geld, maar dat kunnen ze niet betalen. Dus de belastingdienst krijgt ook geen geld meer, dus wil de regering bezuinigen, waardoor het meer mensen treft. Mensen die gewoon een normaal leven hebben, alles goed doen, maar toch worden ze ontslagen. Er zijn ook jongeren die een baan zoeken en die vragen minder geld voor meer werk, misschien doen ze hun werk goed. Meestal hebben ze een goed voorbeeld nodig om van diegene te leren. Toch wordt diegene ontslagen en de jongeren doen maar wat. Er zijn ook jongeren bij die maar wat doen en daardoor presteert het bedrijf minder dan normaal en zo gaat dat bedrijf failliet.

Ik vind dat de mensen beter en slimmer met hun geld om moeten gaan, en dat de jongeren minder moeten gaan klungelen. En dat ze moeten doordenken om antwoorden te zoeken voor een oplossing. Ik vind dat de regering dat ook moet doen en samen moet werken met andere landen. Dat we samen tot een oplossing komen om de economische crisis en de bezuinigingen te laten stoppen. Ik vind dat iedereen samen moet werken om de wereld te verbeteren. Ik hoop ook gewoon dat we allemaal tot de oplossing komen en de oplossing is iets wat jij vindt en wat ik vind. Een oplossing is altijd het antwoord op problemen, en dit is een probleem dat iedereen treft. De regering zegt dat we moeten bezuinigen maar dat veroorzaakt meer problemen. Zoals ik al zei: mensen worden ontslagen, kunnen haast niet aan geld komen, bedrijven gaan failliet.

Het is ook best wel raar dat je iemand zo in een huis ziet zitten en na drie weken zie je hem buiten bedelen om wat geld of wat eten. Ik vind het het meest erg voor de mensen die kleine en jonge kinderen hebben en dat ze heel hard moeten werken om de kinderen alleen onderdak en wat eten te geven. Ik hoop gewoon dat dit soort economische problemen snel worden opgelost. En de oplossing die mij het beste lijkt is dat mensen beter moeten nadenken over dit soort situaties. Ik vind het leven maar oneerlijk.

Chavez Jubitana

290 dagen, 17400 uren, 1044000 minuten:  deze tijden zit je gemiddeld opgescheept met de andere kinderen in de klas. Vaak genoeg word je tegen je wil in een klas gezet, de optie om te veranderen van klas bestaat misschien, maar wordt niet gehanteerd op elke school. Omdat je geen keuze hebt om je klasgenoten te kiezen is de kans groot dat er in je klas een of twee rotte appels komen te zitten.

Rotte appels zijn de leerlingen die het voor anderen verpesten door onder andere: er voor te zorgen dat de activiteiten waarop jij je zo erg verheugt gestopt worden, de sfeer te verpesten of ervoor te zorgen dat de andere appels (leerlingen) zich niet meer veilig voelen. Dit kan gezegd worden als je kijkt vanuit de ogen van de in dit geval gedupeerde.

Als je nu niet leert om te gaan met verschillende karakters, hoe wil je het dan later in de maatschappij redden? Want daar zijn er de meest uiteenlopende karakters. Daarom zie ik school als een training die je leert om open te zijn naar anderen, alleen begrijpen veel mensen dit niet. Je best doen op school is niet genoeg, je moet leren omgaan met anderen. Dit zorgt er ook voor dat je het gaat maken later.

Maar als we kijken vanuit het standpunt van de rotte appels kunnen we zeggen dat dit niet zo is. De rotte appels gedragen zich normaal, ook al is dit soms extreem. Hiermee wil ik zeggen dat het kan zijn dat de andere leerlingen hier niet mee weten om te gaan. We kunnen makkelijk zeggen dat de persoon die voor je zit het verpest voor de anderen, maar hij gedraagt zich normaal, Waarom zou hij onder zijn gedrag moeten lijden? Tevens proberen de andere leerlingen ook niet te communiceren met de ‘rotte appels’. Als dit niet eens gebeurt, hoe wil je dan een eenheid, elftal of familie worden?

Rotte appels bestaan dus niet, het zijn gewoon net als jij leerlingen, maar wat excentrieker. De term wordt alleen gebruikt om een groep leerlingen in een kastje te stoppen, zodat de anderen zich veiliger gaan voelen. Dit kan in het jaar 2013 niet meer. We moeten gewoon op een lijn komen, de appels moeten minder verlegen worden en de rotte appels moeten wat minder excentriek doen. Als het lukt om dit te doen, wordt de klas wat elke docent wil: de perfecte klas. Maar de vraag is of dit voor altijd zal blijven.

Verleden, heden en de toekomst. Drie woorden waarbij je niet echt stilstaat, maar die toch weer een belangrijke rol spelen in je leven. Deze woorden vertellen veel over je leven. Een, het verleden, over wat je al hebt gedaan. Een, het heden, over de belevenissen die je nu maakt. En de laatste, de toekomst, over alles wat er nog in kan gebeuren.

In vergelijking met het verleden valt het heden altijd tegen. Wij maken ‘vroeger’ mooier om met onszelf te kunnen leven. Steeds maar nieuwe herinneringen blijven maken, om zo de toekomst een beetje uit te stellen. En dat is waar het begint. Je toekomst begint op het punt in je leven waar je vooral herinneringen ophaalt, om vervolgens nieuwe te maken. Door je open te stellen om de fouten te zien uit het verleden, kun je je openstellen voor de toekomst en de nabije belevenissen.

Maar nu vraag ik me af: wanneer begon mijn toekomst? Of moet die – zoals het woord eigenlijk bedoeld is – nog gewoon beginnen? Ik weet dat ik geen moeite heb om details uit mijn verleden terug te halen naar het heden. Omdat mijn emoties van toen heel vrolijk waren. Er zijn natuurlijk een paar minder leuke herinneringen .Maar dat is eigenlijk toch wel weer de essentie van herinneringen en toch weer een stap naar de toekomst.

Maar door al dat gedonder over de toekomst en het verleden, en hoe die twee elkaar ‘linken’, wordt het heden zwaar ondergesneeuwd. Voor mij is het heden een vaag moment. Maar zoals we het nu bekijken, is het zowel het einde van het verleden, als het begin van de toekomst. En wat nog mooier is, alleen vanuit het heden kun je terugkijken of vooruitkijken.

Je kunt dus altijd blijven hangen in het verleden, denkend over hoeveel dingen je fout hebt gedaan of eens een blik werpen in de toekomst, je heden veranderen en daarmee ook jezelf. Niet alleen zal dit veel om je heen veranderen; wanneer je dan terugkijkt naar het verleden, zal het een stuk vrolijker zijn, aangezien je weet wat je hebt bereikt, met alleen maar een positieve instelling naar de toekomst toe!